In december 2024 kwamen gemeentelijke archeologen bij een verbouwing van het pand aan de Achterdam 7 iets bijzonders tegen: een oude plavuizenvloer waarvan de gaten waren opgevuld met botten. Niet zomaar botten, maar vrijwel uitsluitend middenhands- en middenvoetsbeenderen van runderen, allemaal op vrijwel dezelfde hoogte afgezaagd. Om meer over de vloer te weten te komen, zijn 22 van de botten onderworpen aan specialistisch onderzoek, waaronder radiokoolstofdatering en gebruikssporenanalyse.
Van meer dan dertig runderen
Dat de vloer bestaat uit de botten van minimaal dertig runderen, bleek uit de verdeling van linker- en rechterbotten. Het waren zowel koeien als stieren, allemaal ouder dan twee jaar. Bijna alle botten dragen zichtbare sporen van slacht en bewerking: ze zijn doorgezaagd en soms zitten er snij- of haksporen op. Dat wijst op hergebruikt slachtafval. Botten waren goedkoop en ruim beschikbaar, en ze bleken een stevige en goed drainerende vloer te kunnen vormen. De radiokoolstofdatering bevestigde het vermoeden van de archeologen: de vloer is waarschijnlijk in de vijftiende eeuw aangelegd, wat hem goed plaatst binnen de laatmiddeleeuwse ontwikkeling van Alkmaar.
Gelopen met leren schoenen
Een van de verrassendste onderdelen van het onderzoek was het slijtage- en gebruikssporenonderzoek. Op veel botten zijn afgeronde randen, een glad gepolijst oppervlak en kleine krasjes zichtbaar, vooral op de delen die het meest uitstaken. Om te begrijpen hoe die sporen zijn ontstaan, bouwden de onderzoekers een kleine proefvloer na en liepen daar vervolgens zelf overheen, met leren schoenen. De slijtage die dat opleverde, bleek sterk overeen te komen met de sporen op de archeologische botten. De conclusie: de bottenvloer heeft opengelegen en is er daadwerkelijk op gelopen. Er lag geen andere vloer overheen.
Zeldzaam in Noord-Holland
Bottenvloeren zijn zeldzaam. Als ze al in Nederland voorkomen, dan vooral in Noord-Holland, uit de vijftiende en zestiende eeuw. Eerder werden vergelijkbare vloeren gevonden in Edam, Enkhuizen en twee keer in Hoorn. De Alkmaarse vondst past daarmee in een regionale traditie van creatief hergebruik van bouwmaterialen. Archeologe Nancy de Jong vat het treffend samen: "Bij elkaar geven deze onderzoeksresultaten een bijzonder inkijkje in het dagelijks leven en het creatieve hergebruik van materialen in laatmiddeleeuws Alkmaar. Er staat alleen nog wel één vraag open waar we geen antwoord op hebben gekregen. Dat is de vraag in wat voor soort omgeving de Alkmaarse bottenvloer werd gebruikt. Was dat bijvoorbeeld in een huiselijke sfeer of in een ambachtelijke omgeving? Zoals de werkplek van een slachter of leerbewerker? Daar zullen we waarschijnlijk nooit met zekerheid achterkomen."
Nu te zien door een glazen vloer
In het pand aan de Achterdam 7 is nu de GGD gevestigd met het Centrum voor Sekswerkers. De middeleeuwse bottenvloer is bij de nieuwe inrichting van het pand bewaard gebleven. Er is een glazen vloer overheen gelegd, zodat de vloer ook in de toekomst zichtbaar blijft. Wethouder erfgoed Jan Hoekzema ziet daarin een mooie verbinding met het verleden: "Deze ontdekking laat zien hoe het verleden letterlijk onder onze voeten ligt. Het vertelt een verhaal van vakmanschap, hergebruik en het dagelijkse leven van toen. Door de vloer zichtbaar te maken onder een transparante vloer, brengen we dat verhaal opnieuw tot leven."
Meer informatie over de vondst en het onderzoek is te vinden op alkmaar.nl.


















































