Een paar maanden geleden las ik een artikel van een psycholoog, die vertelde dat we de handdruk, de knuffel en de omhelzing in het post-corona tijdperk voorgoed achter ons zouden laten. Lichamelijk contact, zeker op zakelijk niveau, was niet meer nodig en wenselijk. Gelukkig, zei het artikel, zou de kansloze elleboog, de ongemakkelijke buiging en box (blijft toch raar om 50-plussers dat te zien doen) ook tot het verleden behoren. Enigszins teleurgesteld en sceptisch wachtte ik de versoepelingen af om te ervaren wat het nieuwe-oude normaal zou worden.
Na enkele weken kan ik concluderen dat de man er gelukkig volledig naast zat. De handen worden geschud als nooit tevoren en ik voel dat we trots zijn om het na anderhalf jaar weer te mogen doen. De handdruk is ferm, gemeend, iets langer dan vroeger en het oogcontact is sterker dan ooit. Een klam en slap handje heb ik nog niet ontvangen tot op heden. Zo ook de omhelzing. Na de eerst aarzeling of we het wel of niet moeten doen slaan we de armen stevig om elkaar heen en houden elkaar net iets langer vast dan voorheen. Als we elkaar weer loslaten volgt er nog een ‘knijpje’. Heerlijk. De lichamelijke verbinding is terug als nooit tevoren.
We maken dus weer ‘lichamelijk’ contact met elkaar en dat lijkt onze zienswijze op de situatie goed te doen. Op kantoor slaan we elkaar weer op de schouder, in de kroeg staan we weer heerlijk tegen elkaar aangedrukt en als we mensen elkaar zien zoenen, dan genieten we daarvan, zonder er een COVID oordeel over hebben.
Het lijkt alsof normaal lichamelijk contact de ‘tegenstellingen strijdbijl’ heeft begraven. We staan zonder oordeel weer met elkaar in de kroeg, gunnen elkaar een leuke avond in een restaurant en hebben geen irritaties meer bij groepsvorming.
In 1 ding had de psycholoog gelijk. Op verjaardagen kussen we de aanwezige niet meer en laten we de handdruk achterwegen. Een wilde en vrolijke zwaai met een centraal en luidt: ‘gefeliciteerd allemaal’ voldoet prima en scheelt tijd en gedoe. Je vermijdt de natte zoen van je schoonmoeder, oma of tante.
Lichamelijk contact maken is terug! En hoe!! Ik kan als notoire knuffelaar weer helemaal mezelf zijn.











