De grond knispert onder mijn laarzen, een ijle nevel hangt nog over de velden. De wijngaarden in diepe winterslaap. Prachtig.
Toch is het deze maand tijd voor de wintersnoei. De meterslange scheuten hebben hun werk vorig jaar gedaan. Met mijn scherpste snoeischaar breng ik ze nu allemaal rigoureus terug tot op de kop. Ruimte voor nieuwe groei.
Elke wijnrank lees ik opnieuw. Hoe heeft-ie het vorig jaar gedaan, hoe zullen zijn sapstromen dit jaar gaan lopen en hoe geef ik deze wijnrank de beste startpositie voor het nieuwe seizoen? Een balans tussen de kwaliteit en opbrengst dit jaar en kracht en gezondheid voor de toekomst.
Dit is de beste tijd voor de wintersnoei; aan het einde van de winter, voordat de lente begint en de nieuwe sapstromen weer op gang komen.
De winterperiode is belangrijk voor onze wijnranken. Het is een periode van rust en herstel. Het metabolisme vertraagt, koolhydraten in de vorm van suikers, worden opgeslagen in de wortels. Deze energiereserves heeft de plant in de lente nodig als de wijnranken bij de eerste zonnestralen weer tot leven komen. Deze natuurlijke cyclus is belangrijk.
Een echte strenge winter hebben we dit jaar (nog) niet gehad. Dat is jammer want koude winters helpen ook bij het verminderen van schadelijke insecten en schimmelsporen. De Suzuki vlieg overleeft bijvoorbeeld minder goed in strenge winters. Bij min 5 knappen de eitjes kapot. Ook de schimmelsporen, verstopt in de bast, worden dan flink uitgedund.
Maar een goede winter is ook belangrijk om te voorkomen dat onze wijnranken te vroeg gaan uitlopen. Dat zagen we bijvoorbeeld vorig jaar. Het was toen in januari heel zacht en begonnen de wijnranken daardoor in maart al uit te lopen. Tot het moment dat de nachtvorst op 23 april alle vroege uitlopers genadeloos kapot vroor. Binnen een paar uur waren alle knoppen zwart en konden de ranken weer helemaal opnieuw aan hun seizoen beginnen. Kansloos.
In de laatste week van februari is er gelukkig nog nachtvorst voorspeld en daar ben ik dus heel blij mee. De wijnranken blijven dus nog even in hun winterslaap en dat mogen ze ook nog wel even blijven.
Sico de Moel











