De media en de politici in Den Haag hebben het er steeds weer over: bestaanszekerheid. Maar wat betekent het?
“De zekerheid dat men de beschikking heeft over de middelen om zijn levensonderhoud en levenspatroon te waarborgen volgens de geldende normen van welvaart en welzijn” (bron: de financiële begrippenlijst). In gewoon Nederlands: dat je elke maand de zekerheid hebt dat je je huur, vaste lasten en boodschappen kunt betalen volgens Westerse/Nederlandse maatstaven.
Dat deze zekerheid voor steeds meer mensen een onzekerheid wordt, is voor iedereen wel duidelijk. De voortdurende inflatie, hoge energie- en brandstofkosten en steeds duurder wordende boodschappen worden in steeds meer huishoudens pijnlijk voelbaar. Steeds meer mensen komen niet rond met hun inkomen en hebben hulp nodig. En dan gaat het allang niet meer alleen over minima met een (bijstands-)uitkering. Ook werkenden met een klein inkomen krijgen het steeds moeilijker.
Daar moeten we als overheid wat aan doen. Met de landelijke verkiezingen in aantocht roepen politieke partijen van links tot rechts dat zij zullen zorgen dat voor iedere burger in Nederland de bestaanszekerheid gewaarborgd moet zijn. In de uitvoering van deze plannen verschillen zij van mening. Want waar betalen we de extra ondersteuning van? En hoe veel, en hoe lang?
Ook gemeentes worstelen met de aanpak en dat is in Alkmaar niet anders. Afgelopen maandag stond het armoedebeleid op de politieke agenda. Gemeentes zijn verplicht om mensen met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum te ondersteunen. In Alkmaar doen we dat veelal via de AlkmaarPas. Het vorige college vond het schrijnend dat juist de werkenden met een klein inkomen hierbij buiten de boot vallen en rekte de grens voor hulp via de AlkmaarPas op tot 150% van het sociaal minimum. Dit werd echter maar voor 1 jaar vastgesteld.
Tijdens de besprekingen over het armoedebeleid werd door meerdere partijen (SP, Leefbaar Alkmaar, GroenLinks, PvdA, PvdD, CU) een amendement ingediend om die 150% van het sociaal minimum voor meerdere jaren vast te stellen, om zo de bestaanszekerheid van de groep werkenden met een klein inkomen voor de komende jaren te waarborgen. Helaas haalde dit amendement het niet, de veelal rechtse partijen in de coalitie willen niet harder lopen dan wettelijk verplicht om noodlijdende burgers in Alkmaar te ondersteunen.
Het excuus? Er is geen geld voor. Maar toch, dat is een kwestie van keuzes maken. Willen we bijvoorbeeld veel geld uitgeven aan nieuw te bouwen Bestevaerbrug, of investeren we liever in de bestaanszekerheid van onze inwoners?
De laatste hoop ligt nu bij het vaststellen (of verlengen) van de (aangepaste) verordening voor de AlkmaarPas. Deze is donderdag in de commissie besproken en komt op 19 oktober op de agenda van de gemeenteraad. In theorie zou de raad kunnen besluiten om de verruiming tot 150% van het sociaal minimum voor gebruik van de AlkmaarPas met een jaar te verlengen, maar ik ben bang dat ook die optie geen meerderheid in de raad zal krijgen. En hiermee laat de gemeenteraad van Alkmaar de groep werkenden met een klein inkomen lelijk in de steek.
Mieke Biesheuvel
Leefbaar Alkmaar








































