Half mei 2026 stond het landelijke neerslagtekort volgens de KNMI Droogtemonitor, geciteerd door Nature Today en Wageningen University, al op zo'n 89 millimeter, ruim boven de 20 tot 40 millimeter die normaal is voor die tijd van het jaar. Een paar weken later meldde het KNMI dat juni 2026 met een gemiddelde temperatuur van 19,1 graden in De Bilt de op één na warmste junimaand sinds 1901 werd. Voor wie in de wijngaard staat, is dat geen abstract cijfer maar iets wat je letterlijk ziet aan de bladeren, de grond en de trossen.
Wie in februari door een wijngaard loopt, zakt bij een natte winter soms tot over de schoenen weg in de klei. Het water blijft in plassen tussen de rijen staan en de bodem voelt zwaar en koud aan. Een paar maanden later, in een droge zomer, is diezelfde grond hard en gebarsten, en stuift er stof op als je tussen de ranken doorloopt. Dat is precies het beeld dat past bij wat weerbureaus voor 2026 voorspelden: een natte winter gevolgd door een droge zomer, met de lente als onvoorspelbare draaischijf ertussenin.
Voor de wijnstok maakt die overgang echt verschil. Een plant die in het voorjaar in te natte grond staat, loopt anders uit dan een plant die al vroeg met droogte te maken krijgt. En een zomer die warm en droog begint, kan alsnog omslaan als er ineens een natte periode doorheen komt. Precies dat grillige patroon vraagt in de praktijk om voortdurend bijsturen, niet om één vast plan voor het hele seizoen.
In een vochtig en mild voorjaar groeit een wijnstok hard. De scheuten schieten omhoog, het blad is fris groen en vol, en precies dat dichte bladpakket wordt het probleem. Vocht blijft langer hangen tussen de bladeren en rond de jonge trosjes. Compacte druiventrossen zijn extra kwetsbaar, omdat de bessen dicht tegen elkaar aan hangen en niet snel drogen. Belangrijk is dan overtollig blad weg te nemen zodat lucht en licht bij de trossen komen, scheuten netjes te leiden in plaats van te laten woekeren, en zo min mogelijk chemisch in te grijpen. Wij werken daarbij met schimmelresistente PIWI-druivenrassen en met biologische middelen zoals kwark, compostthee en brandnetelextract, die de plant weerbaarder maken zonder zwaar in te grijpen in de omgeving.
Slaat het weer om naar aanhoudende droogte, dan verandert het beeld compleet. Bladeren aan de basis van de scheut hangen slap en verkleuren geel, en de druiven krijgen soms een blauwachtige waas. Dat is het teken dat de wijnstok zijn verwelkingspunt nadert en de groei van scheuten stilzet om energie te sparen. Onder de grond speelt intussen iets onzichtbaars: er ontstaan bij langdurige droogte luchtbelletjes in de sapbanen van de plant, waardoor de watertoevoer kan haperen. Dat kan leiden tot verschrompelde druiven, maar meestal reageert een gezonde wijnstok eerst gewoon door dieper te wortelen.
Een beetje droogte is voor Nederlandse druiven overigens geen slecht nieuws. Een lichte vochtstress dwingt de plant om zijn energie in de druiven te steken in plaats van in bladgroei, en dat komt de concentratie en de rijping ten goede. Op onze kalkrijke zavelgrond op Domein Bergen houdt de bodem relatief veel vocht vast, wat in droge weken net dat beetje buffer geeft. Pas bij aanhoudende, extreme droogte wordt het een probleem, en dan grijpen wij sinds 2025 terug op een beregeningsinstallatie die vooral is bedoeld om jonge planten in het voorjaar tegen nachtvorst en uitdroging te beschermen.
De recente Nederlandse cijfers laten precies zien hoe groot het verschil kan zijn. Volgens gegevens van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Vereniging Nederlandse Wijn Producenten leverde het natte, door nachtvorst geplaagde seizoen van 2024 zo'n 750.000 flessen op, bijna een miljoen minder dan het recordjaar ervoor. Het warme, droge en zonnige 2025 leverde daarentegen bijna een verdubbeling op tot meer dan 1,5 miljoen flessen, met bovendien het hoogste aandeel wijnen met een beschermde oorsprongsbenaming ooit gemeten voor Nederlandse wijn.
Als je als bezoeker door de rijen loopt in een nat jaar, staat alles dicht en donkergroen, met veel bladwerk rond de trossen. In een droog jaar oogt de rij opener, met kleinere bladeren en compactere trossen die eerder kleur krijgen. Je hoeft geen wijnkenner te zijn om het verschil te zien. Het weer schrijft gewoon mee in de wijngaard, regel voor regel, week voor week.















