Bekommeren, daar leent deze tijd van komkommertijd zich uitstekend voor. Vele mensen maken zich op om met vakantie te gaan, nemen de tijd om langdurig in een wachtstand te staan, hebben de nodige spullen aangeschaft en vergeten mogelijk om hun zwembroek en bikini mee te nemen. Ze hebben wel in ieder geval voldoende strandlakens mee, om een plek te reserveren op het strand, waarbij zij de mogelijkheid om op een kluitje terecht te komen simpelweg aanvaarden.
Maar dat is niet voor iedereen weggelegd. Mensen die geregeld niet direct rondkomen met hun geld, de spaarpotten die zijn geplunderd en zelf geen ijsje kunnen kopen — die mensen zijn te beklagen. Ze zullen het moeten doen in hun niet aanwezige tuin en een parkje moeten zoeken waar het ook al een drukte is van belang. En zolang de zon het af laat weten, zullen ze een spelletje thuis gaan doen. Om toch die vrije dagen op een manier te vullen, de telefoon laten voor wat die is, of mogelijk toch een manier weten te vinden om met wat aanvullende pecunia dat vakantiegevoel binnen te halen. Het zweet staat op hun voorhoofd, de dagen eindeloos lang en wanneer er dan weer wat geld binnenkomt, begint wederom de afweging. Sparen of toch maar uitgaan? Of toch maar naar die speeltuin gaan? Wikken en wegen en wanneer je het verkeerde pad kiest, zijn de lanen niet te versmaden. De natuur staat geregeld voor eenieder open, tenzij je de duinen in wilt gaan. Dan zul je toch een kaartje moeten kopen.
Maar dan is er de Stadskarant Alkmaar. Helaas, ook deze krant kent een zomerstop. Wat valt er dan nog te doen of te beleven? Onder de noemer Alkmaar Vitaal worden een aantal mogelijkheden naar voren gebracht. Dit is een voortvloeisel van de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning), waarbij een aantal onderwerpen aan bod komt: heb je geldzorgen, problemen thuis, moeite met de zorg voor een ander, of voel je je eenzaam? Dan kan deze wet een deel van die problemen helpen oplossen. Dan biedt juist de gemeente je de helpende hand. Ondersteuning in zekere zin, iemand die je wegwijs maakt in het doolhof van mogelijkheden en je letterlijk de weg wijst. Maar heel eerlijk gezegd: dan zul je de nodige drempels hebben moeten nemen. En ook dat gaat gepaard met de nodige schroom. Waar kun je dan terecht?
Het WMO-loket. Zaffier. En niet in de laatste plaats het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). En waar is de gemiddelde Nederlander het snelst te raken? Jawel, in de portemonnee! Dus richt ik daar mijn pijlen op, onder de noemer van Zaffier. De kop luidt als volgt: 'Als het even tegenzit, moet de hulp kloppen.' Je raakt je baan kwijt. De rekeningen lopen op. Of je probeert opnieuw te beginnen in een nieuw land, maar je weet niet waar je moet starten. Dan is er toch de mogelijkheid dat een instantie je een helpende hand biedt. Ook dan is er wederom die eerder genoemde drempel. En ook dat valt voor velen heel zwaar.
Voedselbanken zijn er niet voor niets. Kinderen zonder ontbijt naar school — dat is nu even niet aan de orde. Het zicht op de schooljeugd raakt even uit het zicht. En waar boterhammen met tevredenheid als ontbijt worden verorbert, ook dat wordt aan je oog onttrokken. Laat staan dat er nog iets voor die jongeren te beleven valt. Want voor menig bedrijf dat zich richt op de jeugd wordt al snel een toegangsbewijs gevraagd. Het fenomeen dat 'wie de jeugd heeft, de toekomst heeft' — dat gaat lang niet altijd op. Laat staan dat het aantal hangjongeren nog zal gaan toenemen.
Waar voorheen kattenkwaad nog een rol kon spelen, is ook dat veelal verdwenen. Het zijn dan vaak creatieve ouders die de straat van kleuren voorzien. Hinkelen kan een uitkomst zijn, je uitleven met stoepkrijt een mogelijkheid om creativiteit te ontwikkelen. Maar een zwembad is ook niet voor iedereen weggelegd. Daarom luid ik vandaag een noodklok: 'kijk juist in deze komkommertijd wat meer naar elkaar om!'















