Ik ben lid van een mannenclub waarvan de leden de 65 jaar al lang achter zich hebben gelaten. De meesten kijken terug op een lang werkzaam leven in zeer uiteenlopende beroepen.Tussen landbouwers, verplegers, techneuten, bankiers en onderzoekers ben ik als kok misschien wel een buitenbeentje. Maar door mijn kijk op een aantal actuele zaken voel ik mij als een vis in het water en zie er elke keer weer naar uit om naar de maandelijkse “praatavond” te gaan.
Zo was de ‘Herensociëteit Limmen’, zo heet dit illustere gezelschap, te gast bij de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij in Egmond aan Zee. Ondanks de gemiddelde leeftijd van 68 jaar waren de meesten op de fiets, met en zonder ondersteuning.
Kijkend over het strand en onze prachtige Noordzee was er een moment van stilte en misschien ook wel respect voor wat er gebeuren kan als de elementen te keer gaan en alle zeilen bijgezet moeten worden om ons daartegen te beschermen. De KNRM doet dat met alle middelen die zij ter beschikking hebben, zoals een hypermoderne reddingsboot en communicatieapparatuur. Tijdens de rondleiding gaf iedereen zijn ogen goed de kost en waren de vragen niet van de lucht. Ondanks de
“adelaarsogen” die 24 uur per dag actief zijn, komen er toch elk jaar 100 mensen door verdrinking om het leven aan de Noordzeekust. Zij doen ook aan preventie en voor groep 6-8 van de basisschool zijn er lespakketten om ongelukken te voorkomen aan strand en kustwater.
In het hoofdgebouw heeft de reddingsbrigade ook een loods en daar ligt de Egmonder Pinck “ Claes Teunisz”, een replica van een oude Egmondse platbodem uit de tijd dat Egmond aan zee nog een vissersplaats was van betekenis. De bouw is volledig door vrijwilligers uitgevoerd. Ze keken goed bij oude scheepswerven waar vakmensen hun kennis overdroegen aan de aspirant scheepsbouwers. Nu is er een prachtige oude platbodem in Egmond aan Zee te bekijken en zelfs, als alle omstandigheden optimaal zijn, kun je meezeilen op zee. Dit prachtige project draait uitsluitend op vrijwilligers en donaties van particulieren.
“Mannen nog even een biertje”. Goed plan Gerard. Snel werd er een terras opgezocht om ons te laven aan gerstenat of anderszins. Maar… de bediening, dikwijls jonge mensen die dienstverlening in de horeca als bijbaan hebben, vaak op het VWO, HAVO of ander middelbaar onderwijs, laten hun ogen niet voor hen werken. Te vaak zien ze niet wie er binnenkomt, is er geen oogcontact en wacht de gast onnodig lang. Dit gaat ten koste van omzet, roept irritatie op bij gasten en beïnvloedt de sfeer op een negatieve manier.
Ik wil niet “belerend” zijn naar de horeca, maar met 50 jaar ervaring staat mij nog steeds mijn 1e les voor ogen, overzie het traject van A naar B als je een bestelling moet opnemen en loop nooit met lege handen terug naar het “office”. Terwijl ik dit overdacht, wordt mijn Sancti Adalberti goed getapt en met een glimlach voor mij neergezet.
Gerard Walters







































