Dinsdag 11 juli was het zover, racefiets goed nagekeken, netjes gepoetst en strak in het wielerpak vanuit Alkmaar naar Castricum. Verzamelen bij het huis van Hilde en met 7 andere fietsfanaten op weg naar Nijkerk. Wat zon en gunstige wind bracht ons naar Landsmeer voor de 1e koffie met appeltaart en de bekende slagroom uit de “spuitbus.” “Eentje zonder mevrouw, alleen als het echte slagroom is, wil ik het ook wel”. Niet dus! Gezellige praat onderweg bracht ons via IJburg en Muiden naar Almere Haven voor de lunch. Radler, broodjes gezond en minder gezond, heerlijke croquetten met bruinbrood en Amsterdams Zuur zorgden ervoor dat de accu weer opgeladen werd.
Rond 4 uur kwamen we in het Golden Tulip van Nijkerk aan. Prima kamer met dito badkamer deed alle vermoeidheid verdwijnen. Op naar het terras voor het 1e goed getapte glas Affligem, nootjes erbij en een goede mop liet het zomaar 7 uur worden. Aan tafel. Het restaurant was goed bezet, zeker 80 gasten en dan is het fijn om te genieten van een goed geoliede brigade, aangestuurd door wat oudere mannen die met jonge vriendelijke meiden en jongens alles vlekkeloos invullen. Genieten dus, 3 dagen lang!
Vrijdag een telefoontje, “ zondagmiddag lunchen in Castricum”? eh.. Ja goed, 2.00 uur. Correct gekleed op pad, een restaurant dat bekend is in dorp en regio, dus je verwachtingen zijn redelijk hoog. Wachten in een restaurant bij binnenkomen zet bij mij vaak al de toon. Je hebt gereserveerd, het restaurant weet dat je komt, en dan toch… Na enkele minuten worden we vriendelijk verwelkomd en mogen we een tafeltje uitzoeken. Weer wachten. “ Mag ik iets inschenken, mevrouw/meneer?”; Misschien ons huisaperitief, dat is een heerlijke cava, misschien een oester erbij? Het is een verhaaltje dat voorgezegd is door patron of patronesse, 10 keer geoefend is en dan vlekkeloos door een jongeman uitgesproken wordt!
Het menu van 4 gangen werd kwalitatief uitstekend bereid en gepresenteerd en was erg smakelijk, maar “uitbaters” van een restaurant dat in verschillende restaurantgidsen een vermelding heeft, dient ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de bediening op orde is. Jongens en meisjes die kiezen voor het gastheerschap in de horeca, moet je niet in het “diepe gooien” maar aan de hand nemen en onder het mom van “eerst voordoen, dan samen doen, en onder het kritisch oog van je leermeester, het zelfstandig doen. Dan kunnen ze, voor een deel verantwoordelijk zijn voor hun uit te voeren taken en zorgt het voor balans tussen gast en gastheer/gastvrouw.
Die oude rotten bij Golden Tulip begrepen dat als geen ander, ook als het gastronomisch niet is wat je persoonlijk verwacht, ook dan kun je plezier beleven aan een bezoek aan een horecagelegenheid.
Gerard Walters







































